Arteriële trombose

Een trombose wordt veroorzaakt door de pathologische vorming van een bloedklonter (trombus) in een bloedvat.  Ze ontstaat wanneer de normale werking van de bloedvaten – hemostase en coagulatie – falen. Dit kan uiteindelijk een obstructie van het bloedvat veroorzaken.

Een trombose kan ontstaan in een ader (veneuze trombose) of in een slagader (arteriële trombose).

Er zijn Verschillende slagaderen  waar een trombus kan worden gevormd.

De belangrijkste zijn :

- Slagaderen die verantwoordelijk zijn voor de bloedtoevoer naar de hartspier (hartslagader) wat kan leiden tot een angina pectoris of een myocardinfarct.

- Slagaderen in de hersenen wat kan leiden tot een cerebrovasculair accident (CVA, beroerte).

- Slagaderen in de benen wat kan leiden tot perifeer arterieel vaatlijden.

Thrombose artérielle

Une thrombose correspond à la formation pathologique d'un caillot de sang (thrombus) dans un vaisseau sanguin. Elle naît d’un déséquilibre au niveau des mécanismes normaux de réparation des vaisseaux (appelés hémostase et coagulation) et évolue jusqu’à l’obstruction éventuelle du vaisseau.

Elle peut se constituer dans une veine (thrombose veineuse) ou une artère (thrombose artérielle).

Plusieurs artères peuvent être concernées. Les principales localisations sont: 

- Artères irriguant le muscle cardiaque (artère coronaire): une angine de poitrine survient ou un infarctus du myocarde en cas d’obstruction. 

- Artères du cerveau entraînant un accident vasculaire cérébral (AVC). 

- Artères des membres inférieurs avec apparition d’une artériopathie des membres inférieurs.